Wees niet Bevreesd

Een reflectie door Elisabeth Waelkens, 3e jaarsstudent Engelse literatuuraande K.U.Leuven.

Laten we eerlijk zijn: het is niet eenvoudig om in België jonge medegelovigen te vinden. Naar een katholieke school, godsdienstlessen volgen of elke zondagochtend naar de kerk gaan zal meestal geen garantie zijn om veel jonge gelovigen te ontmoeten die actief hun geloof beleven.

Ik ben opgegroeid in een christelijk gezin, maar buiten ons gezinsleven kende ik weinig mensen met wie ik kon spreken over geloof. Toen ik begon te studeren in Leuven was ik erg gretig om actieve christenen van mijn leeftijd te ontmoeten. Daarom begon ik naar Pharosbijeen-komsten te gaan.

Deze gebedsbijeenkomsten openden een nieuwe wereld voor mij, leerden mij veel bij en toonden mij hoe andere christenen hun geloof beleefden. Over de jaren heen begon ik de basisbeginselen aan te nemen die zo vanzelfsprekend leken voor mijn ouders, maar waarover ik al lang aan het denken was.

Maar na mijn tweede jaar aan de universiteit voelde ik mij nog steeds een beetje onvoldaan. Ik had bijgeleerd over het christelijke geloof en Pharos had me vele nieuwe vrienden bijgebracht die me steunden in mijn geloof, maar ik kon niet zeggen dat ik een onvoorwaardelijk geloof en vertrouwen had dat er werkelijk een God is die voor ons zorgt, ons leidt doorheen het leven, die ons zijn Zoon heeft gegeven uit liefde voor ons. De Adelante conferentie en de Wereldjongerendagen in Madrid brachten daar verandering in. Samen met een groep van Pharos vervoegde ik ongeveer 400 jonge christenen voor ‘Adelante’, een oecumenische conferentie in Vitoria, vooraleer af te zakken naar Madrid. Op zaterdagavond vond er een gebedsmoment plaats met de gelegenheid om gebed te ontvangen. Ik vroeg aan twee vrouwen om met mij te bidden voor de gave van totale overgave, om dat vertrouwen in God te vinden waarnaar ik al zolang verlangde. Ik verliet Vitoria echter nog steeds met een onvoldaan gevoel en ik begon vrede te nemen met het idee ik nooit het volledige vertrouwen zou hebben waarop ik hoopte, en dat ik het leven maar moest aannemen zoals het was. Ik had dat complete vertrouwen niet echt nodig om in God te geloven en zijn pad te proberen volgen. Het zou gewoon leuk en handig geweest zijn indien ik nooit meer hoefde te twijfelen.  Ik bracht de daaropvolgende week in Madrid door met dezelfde ingesteldheid, en toen ik terug thuiskwam dacht ik dat daar niks aan was veranderd. Wanneer ik nu terugkijk, zie ik duidelijk dat God in mij werkte gedurende die 6 dagen.

Het hoogtepunt was de zaterdagavond, wanneer de miljoenen pelgrims allen bijeenkwamen op een groot veld en de nacht doorbrachten in aanbidding voor het Heilig Sacrament samen met de paus. De aanwezige massa mensen stond in zulk een sterk contrast met de momenten die ik had meegemaakt toen ik jonger was, toen ik bijna niemand vond van mijn leeftijd die ook geloofde. Die avond werden de vroegere gevoelens van eenzaamheid bijna lachwekkend in mijn gedachten. En later, toen we met 2 miljoen ons voorbereiden om te overnachten onder de sterrenhemel, en we verrast werden door een enorm onweer en begonnen te zingen, dacht ik ‘goeie God, dit is de meest ongelofelijke nacht van mijn leven!’ Het was pas toen ik terug thuis was dat ik ten volle besefte dat mijn twijfels verdwenen waren.  Hoewel ik er niks van had gemerkt, was de Heer aan het werk geweest in mijn hart doorheen het ontvangen van gebed en doorheen de tijd die ik had doorgebracht met andere jonge christenen. Als God zoveel mensen kan samenbrengen om zijn naam te prijzen bij donder en bliksem, wie ben ik dan om bang te zijn?